Warning: Parameter 1 to wp_default_styles() expected to be a reference, value given in /data/www/timdeboer.org/www/wp-includes/plugin.php on line 571 Warning: Parameter 1 to wp_default_scripts() expected to be a reference, value given in /data/www/timdeboer.org/www/wp-includes/plugin.php on line 571 Kritiek | Tim.de.Boer.org

All posts in Kritiek

Wil alleen maar zwemmen

Bij onze zoektocht naar de kassa word ik afgeleid door een piraat. Vanaf zijn tropische eiland – een hoopje zand in de hal – staart hij ons aan. Hij ziet er ongelukkig uit. Een beetje verloren tussen de houten bankjes, snoep- en chipsautomaten. De illusie van een tropisch eiland vinden we een paar meter achter hem, geschilderd op de donkerste muren van de hal.

Read more…

Gekocht: Archis – 1986 -2000

archissen
Een week geleden heb ik een aantal complete jaargangen van het tijdschrift Archis tweedehands aangeschaft (en de tijdschriftenbakken kreeg ik erbij). Wat ik al vaak gehoord heb blijkt ook echt waar: De oude Archis is echt beter (dan de nieuwe: Volume). Lange artikelen die nu ook weer relevant zijn omdat de besproken gebieden nu weer aan verbouwing toe zijn. Zo trof ik in de jaargang 1986 Scheveningen-Bad in Den Haag aan. Een haarfijne analyse van de openbare ruimte aldaar gaf precies het huidige probleem aan van de badplaats. En dat al in 1986. En de recentelijke visie van de gemeente? Die miste dat punt volledig.. maar dat terzijde.

Helaas is er nog geen digitale editie van de Archis (en de bladen ervoor en erna) beschikbaar zoals dat bijvoorbeeld bij het Amerikaanse opinieblad The New Yorker er al wel is. Dat zou het zoeken naar interessante artikelen wel makkelijker maken. Gelukkig zijn de jaargangen tweedehands nog gewoon beschikbaar. En wat het kopen nog leuker maakte: een vriendelijke ontvangst met koffie en een koekje en een goed gesprek over architectuur. Bedankt Marian & Hans!

 

Ken Yeang – BioClimatic City / Verticale stedenbouw.

In het kader van de Academie van Bouwkunst Rotterdam / AIR lezingenserie over de toekomst van Rotterdam -Rotterdam Reinvented- sprak op 28 maart 2008 de Maleisische architect Ken Yeang over hoogbouw, in het bijzonder over eco-skyscrapers.

Read more…

Wallhouse voor beginners; Het praktische nut van een theoretisch model

img_0990

Het begon met de trap. Die loopt niet lekker, de trede is te hoog. Zou dat komen omdat het Wallhouse op een grotere schaal is uitgevoerd dan oorspronkelijk bedacht en getekend? Ook de afwerking deed mij twijfelen. Daar was iets mee. Raamstijlen hadden beter achter de kolommen weggewerkt kunnen worden en ook de ‘wall’ had aan kracht gewonnen als de materialisering maar doorgezet was. En de hoeveelheid duivenpoep op het Wallhouse is vast nooit de bedoeling geweest van Hejduk. Doen deze fouten afbreuk aan het ontwerp? Of wordt het hier alleen maar ‘echter’ van?

Read more…

De Binckhorst: werkelijke ambitie of hysterische impressie?

impression park - oma and others

Onlangs [ in 2008 ] presenteerde OMA een visie op de vernieuwing van het Haagse bedrijventerrein Binckhorst. Tijdens een publiek debat, waarbij de gemeente -en OMA- overigens schitterde door afwezigheid, was nog niet iedereen even enthousiast.

Artist impressions beheersten op 18 februari het debat over de nieuwe Haagse Binckhorst. Zoals columnist Julius Pasgeld het in een haarscherpe column stelde: “In de vernieuwde Binckhorst zullen de gebouwen transparant grijs zijn, is het altijd lente en hebben de werknemers de hele dag lunchpauze”.

Read more…

Een station van 150 miljoen euro

Amsterdam Bijlmer Station

Na 10 jaar bouwen en 150 miljoen euro heeft Amsterdam een nieuw en indrukwekkend station erbij in Amsterdam Zuidoost. De eerste van een nieuwe generatie stations die de komende jaren in Nederland wordt opgeleverd.

Amsterdam Zuidoost moet uitgroeien tot een nieuw centrum van Amsterdam. Grote recreatieve programma’s die niet in de binnenstad passen, zoals de ArenA, de Heineken Music Hall en een meubelboulevard worden in dit stadsdeel geconcentreerd. Het oude Bijlmerstation uit 1976 met een nauwe onderdoorgang en twee perrontjes paste niet in deze visie. In 1998 werd de spoorverdubbeling (tussen Utrecht en Amsterdam) en aanleg van de Utrechtboog dan ook aangegrepen om een nieuw en opvallend station te realiseren. Een station dat ook de extra bezoekersaantallen aan kan.

Het ontwerp van Grimshaw Architects (architect Neven Sidor) en ARCADIS Architecten (architect Jan van Belkum) laat zich eenvoudig beschrijven. Het station bestaat uit Read more…

Rotterdam Decentraal

Rotterdam Decentraal

De bouw van het nieuwe centraal station van Rotterdam is vorige week officieel van start gegaan met de sluiting van het oude station. Maar is de sloop van het oude en de bouw van het nieuwe een reden om een traan te laten? Volgens Tim de Boer niet, hij geniet van het tijdelijke station ‘Rotterdam Decentraal’.

Aan de blauwe blokkendozen kan je al zien dat we hier met een bijzonder werk te maken hebben. Zo radicaal dat geen architect het had kunnen bedenken. De verschillende functies die je normaal in het station aantreft, zijn uit elkaar getrokken en over het gehele stationsgebied verspreid. Op het voorplein zijn de meeste functies gehuisvest. Er is een muziekblok, een Burger King-blok en, naast de verbindingstunnel, een groot, vier verdiepingen tellend hoofdblok van de NS zelf. Ook aan de noordzijde van de tunnel staat  Read more…

Koolhaas in Berlage

Maandagmiddag 16.45. Over 15 minuten begint de lezing van Rem Koolhaas. De telefoon bij het Berlage Instituut staat nog steeds roodgloeiend. De receptioniste legt – in het Engels – nog eens uit dat er geen kaartjes meer zijn: ‘Er staan nog 69 anderen voor u op de lijst. Nee het heeft geen zin om hiernaar toe te komen’. Ook in de zaal is de spanning voelbaar. Zodra Koolhaas opstaat en door de zaal heen en weer loopt valt het geroezemoes in de zaal stil.

Koolhaas presenteerde in het Berlage delen van vier recentelijk door hem gehouden lezingen. Ondanks de zeer verschillende onderwerpen – democratie, erfgoed, Europa – is er een gemeenschappelijk element in zijn verhaal. Het gaat niet over de architectuur zelf, maar over de condities die van invloed zijn op de totstandkoming van architectuur. Deze condities relateerde Koolhaas steeds aan de stand van de wereldeconomie.

Koolhaas begon zijn lezing met een biografie van OMA/AMO, die vanzelfsprekend gekoppeld is aan zijn eigen biografie. Zelf stelt hij sterk beïnvloed te zijn door het bombardement op Rotterdam, de gebeurtenissen in 1968 in Parijs, de Berlijnse muur en de bewuste inzet van architectuur in Sovjet Unie om de maatschappij te veranderen. Deze invloeden zijn ook terug te zien in zijn afstudeerproject voor Londen. In de beginperiode van OMA is bewust gekozen voor Rotterdam als vestigingsplaats. Door projecten te ontwerpen die tegen de heersende opvattingen in gingen. Als A gebruikelijk was maakte OMA iets van 2A (Het gebouw De Rotterdam stamt bijvoorbeeld uit die periode). De tegenstand die dat opriep gebruikte hij om zich te profileren. Hij kon zo zijn eigen speelveld creëren. In deze periode leefde Koolhaas van de opbrengst van het boek Delirious New York (tot nu toe 200.000 dollar) en de schilderijen van zijn vrouw Madelon Vriesendorp. De jaren na de val van de Berlijnse muur werden gekenmerkt door een ongekende economische groei. OMA groeide daarin mee. Samen met een aantal andere architecten bereikte Koolhaas zelfs wereldwijde sterrenstatus. Deze sterrenstatus – die volgens Koolhaas onontkoombaar is – leverde behalve aandacht niet veel op. De beloning voor projecten bleef gelijk aan de beloning voor andere architecten. Het leverde alleen een nieuwe bestseller op: S, M, L, XL bracht tot nu toe 350.000 dollar op. Koolhaas signaleert in deze economische groeiperiode echter ook de oorsprong van een aantal interessante fenomenen die aanleiding vormen om onderzoek te gaan doen, eerst vanuit OMA en Harvard, later ook vanuit AMO. Dit onderzoek moet een uitweg bieden uit de sterrenstatus en betekent voor Koolhaas dat hij zich bezig kan houden met onderwerpen die er, volgens hem, echt toe doen.

Allereerst blijkt uit de eigen praktijk dat er steeds minder tijd is voor het bedenken en ontwerpen van plannen. Met als gevolg dat OMA zich nu bezig moet houden met de vraag hoeveel tijd er nodig is om een goed ontwerp te maken. Deze houding lijkt enigszins op de beginjaren van OMA toen ‘goedkoop’ (Cheapness) bijna als stijlmiddel gehanteerd werd. Nu is het echter bittere noodzaak. Daarom kiest OMA nu voor het ontwerpen van generieke gebouwen. Of deze strategie succesvol is moet nog blijken. Voorlopig zijn alle competities waar OMA dit jaar aan meedeed verloren.

Tweede fenomeen dat aan de orde kwam is de toename van beschermd erfgoed in deze periode van economische groei. Jammer genoeg werd deze waarneming verder niet onderbouwd dan met een enkele grafiek waarin de lijntjes van de economie en erfgoed netjes parallel omhoog liepen. Dezelfde toename ziet Koolhaas ook terug in het totaal beschikbare oppervlakte in musea. Veel grote industriële ruimtes worden herbestemd als museum. Het viel Koolhaas op dat de architect vaak een programma van eisen voor zo’n museum krijgt waar expliciet in staat dat de architectuur tot een minimum moet worden beperkt. Hij legde een verband met de hedendaagse kunst die een totaalervaring wil bieden en waarbij invloeden van buitenaf dienen te worden beperkt. Deze vergelijking tussen totalitaire ruimtes (Koolhaas gebruikte Haus der Kunst in München als voorbeeld) en totalitaire hedendaagse kunst deed verlangen naar meer opvattingen van Koolhaas de kunstcriticus.

In het verlengde van deze groei van erfgoed en museum ziet hij een terugval in de belangstelling van politici en de staat (de macht) voor de vernieuwende kracht van architectuur. Treffend voorbeeld van de politieke desinteresse bleek uit zijn ervaringen als lid van de denktank Reflection Group Europe 2020-2030 over de toekomst van Europa. Veel van zijn ideeën kwamen in deze denktank niet over en hij moest zijn inzichten steeds slimmer en simpeler proberen over te brengen. Helaas blijkt de politiek meer met interne zaken bezig te zijn dan met het opstellen van een geloofwaardig beeld (en beleid) voor de toekomst.

Koolhaas impliceert dat de groei van erfgoed en musea niet op zichzelf staat maar een bijverschijnsel is van het feit dat politici en de staat zich niet meer bezig willen houden met visies op de toekomst, alleen nog met het hier en nu. Dat maakte ook meteen duidelijk waarom OMA haar blik zo opzichtig Oostwaarts heeft gericht. Daar zit immers nog macht die wel geïnteresseerd is de vernieuwende kracht van architectuur.

Dit verslag verscheen eerder op archined

En hier is de hele lezing te zien > http://t.co/9pFPcaj

Elke stad zijn eigen superheld

1274277623_1

[lang_nl]

Gotham City heeft Batman, in het dagelijks leven filantroop Bruce Wayne. Metropolis heeft journalist Clark Kent, beter bekend als Superman. En Haarlem? Die stad wordt al 600 jaar beschermd door de stadsbouwmeester, momenteel Max van Aerschot geheten. Ook Amersfoort heeft sinds kort een stadsarchitect, alias Noud de Vreeze. Op verzoek van beide heren en Architectuur Lokaal kwamen op 19 mei in Haarlem alle huidige bouwmeesters in Nederland bijeen voor de prelude van de oprichting van een netwerk van bouwmeesters.

Volgens de rijksbouwmeester is er een steeds grotere behoefte aan stadsbouwmeesters. In de ruimtelijke ordening is de gemeente immers steeds meer de eindverantwoordelijke. Toch ontbreekt het op lokaal niveau vaak aan inhoudelijke kennis, is er onvoldoende overzicht op alle projectmatige werkzaamheden en ontbreekt er een lange termijn visie op de stad. Bovenal kan de stadsbouwmeester als onbaatzuchtig superheld de stad helpen door ongevraagd adviezen te geven over de dingen die in zijn ogen misgaan.

Maar hoe zorg je dat je ongevraagde adviezen, zowel in misdaadbestrijding als in stadsverfraaiing, door de gemeenschap geaccepteerd worden? En hoe krijg je de stad zover om het ‘Batsignaal’ te gebruiken als zij hulp nodig hebben? Noud en Max hebben hier een handzaam boekje over geschreven dat tijdens deze middag werd gepresenteerd.

Zoals de wetten van het superheldengenre verplichten zijn ook alle beschermers van de ruimtelijke ordening uniek. Ieder heeft zijn eigen (super)krachten en zwakheden. De taken van de stadsbouwmeester kunnen ook overgenomen worden door anderen of anders worden ingevuld. Uit de middag kwam naar voren dat er vele verschillende recepten zijn om de ruimtelijke kwaliteit binnen een stad te verhogen. Waar de éne gemeente voor deze taak een vrije en onafhankelijke positie creëert, kiezen andere gemeenten voor een rol binnen het ambtelijke apparaat.

Een stadsbouwmeester moet beschikken over een lange adem. Want wat gebeurt er in praktijk? Noud de Vreeze vertelde dat hij in Amersfoort de eerste twee jaar nodig had om zijn eigen opdracht te formuleren en de lokale situatie te leren kennen. Daarna kwam er van werken nog steeds weinig terecht. Vanwege de lokale verkiezingen lag de gemeentepolitiek meer dan een jaar plat. En in Den Haag blijkt dat het college niet zit te wachten op onafhankelijke adviezen en inhoudelijke bedenkingen bij (grote) bouwprojecten. Hans Kuiper, vorig jaar benoemd tot hoofd Stedenbouw Den Haag, vertelde dat het hem onmogelijk gemaakt werd om enige inbreng in het proces te hebben. Het nieuwtje van de middag was dan ook dat hij als hoofd Stedenbouw opstapt. En dat terwijl Maarten Schmitt deze rol toch redelijk succesvol – zij het in een onafhankelijkere positie dan Hans Kuiper – 11 jaar heeft volgehouden.

Net als een superheld moet de stadsbouwmeester zich dus voortdurend bewust zijn van zijn positie in de stad. Dat betekent niet dat de stadsbouwmeester alleen maar moet luisteren naar de politiek. Juist het betrekken van de ambtenarij en het grote publiek bleek uit de discussie in de zaal vaak van groot belang te zijn. Lukt dit niet, dan is de kans groot dat bij de volgende raadsperiode de functie stadsbouwmeester gewoon weer verdwijnt.

De komende generatie stadsbouwmeesters zal dus vooral ook een politiek beroep uitoefenen. Een constant laveren tussen de verschillende partijen (college, ambtenaren en publiek) bepalen een groot deel van zijn taak. De vergelijking met een superheld gaat hier dan ook mank. Waar een superheld voldoende heeft aan een hulpje, een speciale gave en een geheime schuilplaats, moet een stadsbouwmeester toch vooral praten en masseren, zowel voor als achter de schermen.

Deze tekst verscheen eerder op Archined.nl

www.stadsarchitecten.nl

www.architectuur-lokaal.nl

De publicatie : Stadsarchitecten en stadsbouwmeesters, onafhankelijke adviseurs van gemeentebesturen over ruimtelijke kwaliteit. ( Te bestellen tegen verzendkosten bij Architectuur Lokaal)

[/lang_nl]

Load More